Java, Een Land, een Volk, zo Vreugdevol, Vrij en Onbevangen, gemoedelijk, warm en nieuwsgierig.
Een land om in te leven,
Een volk om lief te hebben. Een land om kinderen in groot te brengen Een land om in te sterven....
Lembang, land van simpele gebaren, van doodgewone mensen die toch weer ongewoon zijn, omdat ze het doodgewone van elke dag als in een groot religieus dankgebed blijven herhalen.

Lembang, vallei van bloemkolen en aardappelen, van tomaten en boontjes. Vallei van zongebruinde boeren, met dikke, korte stevige voeten welke diep in de aarde staan.
Vallei vol met rode, blozende gezichten, met lachende ogen, met grote monden vol witte tanden. Vallei van spelende kinderen, bepoteld en gepakt door iedereen, maar niet verwend. Gezond, jong geweld, openlucht kattenkwaad.
Lembang, vallei van zure, dikke aarde, waar de regen roodgeel en modderig naar beneden spoelt als een rivier. Vallei van lawaaierige Angkutans, de wegduivels die als circusacrobaten buiten hun voertuig hangen.
Lembang, vallei van paarden, kleine, magere berg-paarden, welke met trots voor de kereta worden gespannen, of bereden, de kop hoog en de rug recht, zonder zadel.

Lembang, land van honig en melk, waar ik elke dag opnieuw in Vlaanderen leef.
Mijn Vlaanderen, waar ik geboren ben. Lembang, mijn nieuwe Vlaanderland.
 

 

© SHADOW PLAY - Fiction & Reality  "The Land Beyond" Steffan Niumann