Mensen worden geboren en zijn als kaarsen die worden aangestoken en langzaam opbranden tot hun licht uitgaat. Er zijn witte kaarsen, rode, blauwe, groene, gele... je vindt ze in alle kleuren, zoals ook de mensen. (de blauwe en groene zullen ze misschien nog vinden op Mars of op een andere planeet).
Je vindt ze ook in alle vormen, lang en kort, dik en dun, recht en gedraaid... je kan het niet bedenken of het bestaat. En weer gaat de vergelijking met mensen op.
Kaarsen hebben bovendien ook zo hun eigen manier van branden. De ene keer staat de vlam mooi rechtop, een andere keer waait ze alle kanten uit. Ze flakkeren, knisperen, knetteren en... zoals de mens leven ze op hun eigen manier.
Het zijn allemaal kaarsen. Het zijn allemaal mensen. Alle gelijk aan mekaar, en toch elk met zijn eigen typische kenmerken. Zo is het leven. Zo zijn wij. Allen één en toch verschillend.